donderdag 21 april 2022
Originele publicatie downloaden:
Type bekendmaking:
beleidsregel



Beleidsregels gehandicaptenparkeerkaart (GPK) en gehandicaptenparkeerplaats (GPP) gemeente Oegstgeest 2022

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oegstgeest;

 

gelet op:

 

  • titel 4:3 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • artikel 13 lid 2 van de Wegenverkeerswet 1994;

  • artikelen 49 t/m 55 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW);

  • de artikelen 85 en 86 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV);

  • de Regeling gehandicaptenparkeerkaart.

overwegende dat het college het voor de beoordelingsvrijheid bij de uitvoering van de wet noodzakelijk vindt om aan te geven op welke wijze daar mee wordt omgegaan en daartoe beleidsregels wenst vast te stellen;

 

besluit de volgende beleidsregels vast te stellen: Beleidsregels gehandicaptenparkeerkaart (GPK) en gehandicaptenparkeerplaats (GPP) gemeente Oegstgeest 2022.

 

Hoofdstuk 1: Inleiding

 

In deze beleidsregels is het gemeentelijke parkeerbeleid ten aanzien van de gehandicaptenparkeer-kaart (GPK) en gehandicaptenparkeerplaats (GPP) opgenomen. Het doel van deze beleidsregels is om duidelijkheid te geven over de criteria en voorwaarden waaronder de gemeente medewerking verleent aan het toewijzen van een GPK en/of GPP aan haar inwoners. In deze beleidsregels dient er onderscheid te worden gemaakt tussen de GPK, de algemene GPP en de individuele GPP (kenteken-gebonden).

 

  • De GPK geeft de houder ervan enkele bijzondere rechten voor het gebruik van parkeervoorzieningen, waaronder het recht te parkeren op een algemene gehandicaptenparkeerplaats.

  • De individuele GPP is een kentekengebonden parkeerplaats, bestemd voor het voertuig waarvan het kenteken op een onderbord is vermeld.

Hoofdstuk 2 gaat verder in op de regels rondom de GPK.

Hoofdstuk 3 gaat verder in op de regels rondom de GPP.

Hoofdstuk 4 gaat tot slot in op overige bepalingen.

Hoofdstuk 2: Gehandicaptenparkeerkaart (GPK)

 

De Regeling gehandicaptenparkeerkaart bevat de wettelijke regels voor het verstrekken van de Europese GPK. Deze regeling is gebaseerd op artikel 13 lid 2 van de Wegenverkeerswet 1994, op artikel 49 en 55 van het BABW, en op artikel 85 en 86 van het RVV 1990. De gemeente kan geen eigen, aanvullende criteria stellen. Er zijn voor particulieren drie varianten van de GPK:

 

  • 1.

    De bestuurderskaart (GPK-B);

  • 2.

    De passagierskaart (GPK-P);

  • 3.

    Een combinatie van bovenstaande varianten (GPK-B/P).

Daarnaast kunnen instellingen aanspraak maken op een instellingskaart (GPK-I).

 

De aanvraag voor een GPK, ongeacht welke variant het betreft, kan elektronisch worden ingediend via de gemeentelijke website, of aan de balie in het gemeentehuis.

 

2.1 Bestuurderskaart (GPK-B)

Een GPK-B kan op grond van de volgende voorwaarden worden verstrekt aan een bestuurder van een motorvoertuig op meer dan twee wielen of van een brommobiel:

 

  • de persoon is inwoner in de gemeente;

  • de persoon heeft de beschikking over een motorvoertuig en een geldig rijbewijs, of de persoon heeft de beschikking over een brommobiel met een geldig bromfietscertificaat;

  • de persoon heeft ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking van langdurige aard;

  • de persoon is niet in staat om met gebruikelijke loophulpmiddelen zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan één stuk te voet te overbruggen.

Voor het vaststellen of een aanvrager voldoet aan de laatste twee criteria is medisch advies vereist. De benodigde medische keuring wordt voltrokken door Salude Medisch Advies. Een keuring betekent niet altijd dat er lichamelijk onderzoek plaatsvindt. Soms levert een gesprek voldoende gegevens op. Salude Medisch Advies kan indien nodig en onder voorbehoud van instemming van de aanvrager gegevens opvragen bij de huisarts of specialist van de aanvrager.

 

2.2 Passagierskaart (GPK-P)

Een GPK-P kan op grond van de volgende voorwaarden worden verstrekt aan een bestuurder van een motorvoertuig op meer dan twee wielen of van een brommobiel:

 

  • de persoon is inwoner in de gemeente;

  • de persoon heeft ten gevolge van een aandoening of gebrek een aantoonbare loopbeperking van langdurige aard;

  • de persoon is niet in staat om met gebruikelijke loophulpmiddelen zelfstandig een afstand van meer dan 100 meter aan één stuk te voet te overbruggen;

  • de persoon is voor het vervoer van deur tot deur continu afhankelijk van de hulp van de bestuurder die de persoon vervoert.

Voor het vaststellen of een aanvrager voldoet aan de laatste drie criteria is medisch advies vereist. De benodigde medische keuring wordt voltrokken door Salude Medisch Advies. Een keuring betekent niet altijd dat er lichamelijk onderzoek plaatsvindt. Soms levert een gesprek voldoende gegevens op. Salude Medisch Advies kan indien nodig en onder voorbehoud van instemming van de aanvrager gegevens opvragen bij de huisarts of specialist van de aanvrager.

 

2.3 Bestuurders- en passagierskaart (GPK-B/P)

Het is mogelijk dat een persoon in aanmerking komt voor zowel een bestuurders- als een passagiers-kaart. Aan een persoon met een GPK-P kan zonder een nader medische keuring ook een GPK-B worden verstrekt, omdat de criteria voor eerstgenoemde kaart strenger zijn.

 

Als een persoon met een GPK-B een GPK-P wenst te krijgen, dan dient in beginsel een nader medische keuring plaats te vinden. Deze keuring kan achterwege blijven wanneer uit eerder gehouden onderzoek is gebleken dat die persoon al voldoet aan de eisen voor een GPK-P.

 

2.4 Instellingskaart (GPK-I)

Een GPK kan eveneens verstrekt worden aan instellingen. Het gaat dan om het collectief vervoer van personen die in een instelling verblijven. Hierbij gaat het om instellingen die zijn toegelaten op grond van artikel 5 lid 1 van de Wet toelating zorginstellingen (WTZi). Aangezien de bewoners van dergelijke instellingen over het algemeen voldoen aan de gestelde criteria, kan deze kaart zonder tussenkomst van een keurende instantie worden afgegeven. Om in aanmerking te komen voor een instellingskaart dient aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

 

  • het moet gaan om een instelling die zorg verleend als bedoeld in artikel 3.1.1. van de Wet langdurige zorg (Wlz) oftewel, een Wlz-instelling;

  • het personeel van de instelling dient voorts belast te zijn met het vervoer van bewoners die voldoen aan de wettelijke criteria zoals genoemd in artikel 1, lid 1, onder b, c of d van de Regeling gehandicaptenkaart.

De aanvraag voor een GPK-I moet worden ingediend door het bestuur van de Wlz-instelling.

 

2.5 Afgifte, geldigheidsduur en verlenging

De GPK kan bij toekenning worden afgehaald bij de afdeling Publiekszaken van het team Publiekszaken en Klantcontact van de gemeente Oegstgeest. Bij het afhalen van de kaart dient de aanvrager de toekenning, een pasfoto en een geldig legitimatiebewijs mee te nemen.

 

Een GPK is op grond van artikel 51 van het BABW vijf jaar geldig vanaf de dag van afgifte. De gemeente beperkt de geldigheidsduur als volgens de keuringsarts verwacht mag worden dat binnen deze termijn verbetering optreedt waardoor de aanvrager niet meer aan de gestelde criteria voldoet. N.a.v. de medische keuring adviseert de keuringsarts over de geldigheidsduur.

 

Een kaarthouder is zelf verantwoordelijk voor de tijdige verlenging van een GPK. De aanvraag voor een verlenging van een GPK kan elektronisch worden ingediend via de gemeentelijke website, of aan de balie in het gemeentehuis.

 

De gemeente is bij de verlenging van een GPK niet verplicht een medische keuring uit te voeren. Wanneer is te voorzien dat de aanvrager ook in de toekomst blijft voldoen aan de criteria voor een GPK, bijvoorbeeld in geval van een chronische handicap, neemt een keuringsarts dit in het advies-rapport op.

 

Bij een verlenging beoordeelt de keuringsarts op basis van het dossier of herkeuring wenselijk is. Daarbij weegt de keuringsarts ook mee of veranderingen in de medische wereld kunnen leiden tot een ander oordeel dan destijds is afgegeven.

 

Wanneer een GPK voor minder dan 5 jaar is afgegeven, volgt altijd een medische keuring. Een kortere geldigheidsduur duidt immers op de mogelijkheid dat verandering in de situatie is ontstaan.

 

2.6 Kosten

De kosten voor de GPK zijn opgebouwd uit kosten voor medische keuring en kosten voor de eigenlijke kaart (legeskosten). De kosten voor de medische keuring zijn te vinden in de tarievenlijst van Salude Medisch Advies. De kosten voor de kaart zijn opgenomen in de geldende Legesverordening Oegstgeest. Deze kosten ook terug te vinden op de gemeentelijke website.

 

Indien de aanvrager voldoet aan de vereisten zoals gesteld in de Beleidsregels inkomensondersteuning, kan besloten worden tot een vergoeding van de kosten.

 

2.7 Intrekking gehandicaptenparkeerkaart

In artikel 53 van het BABW is geformuleerd wanneer de GPK zijn geldigheid verliest. Dit betreft:

 

  • het verstrijken van de geldigheidsduur;

  • het overlijden van de houder;

  • het onbevoegd aanbrengen van de wijzigingen;

  • de afgifte van een nieuwe GPK;

  • het verstrekken van een duplicaat GPK;

  •  

  • De gemeente geeft een duplicaat af indien de originele GPK is versleten, geheel of gedeeltelijk onleesbaar is geworden of tenietgedaan. Een duplicaat wordt enkel afgegeven bij inlevering van de oude GPK, of na invulling en indiening van een ‘verklaring van vermissingen gehandicapten-parkeerkaart’, te vinden op de gemeentelijke website.

  • ongeldigverklaring.

  •  

  • In lid 2 en 3 van artikel 53 van het BABW zijn extra voorwaarden geformuleerd die het bevoegd gezag de mogelijkheid geven om een GPK ongeldig te laten verklaren. Hiertoe zijn mogelijkheden indien de aanvrager onjuiste gegevens heeft verschaft en de kaart niet zou zijn afgegeven indien de onjuistheid van die gegevens ten tijde van de aanvraag bekend zou zijn geweest. Daarnaast is het mogelijk om de GPK ongeldig te laten verklaren indien het gebruik van de GPK geen verband houdt met het vervoer van de houder/passagier/instelling waaraan de vergunning is verstrekt.

Een uitzondering op het verlies van geldigheid van de originele GPK betreft de uitgave van een tijdelijk duplicaat, dat bij wijze van uitzondering kan worden toegekend gedurende een verblijf in het buitenland. De kosten voor een (tijdelijk) duplicaat zijn gelijk aan de legeskosten van een reguliere GPK.

 

2.8 Rechten houder van een gehandicaptenparkeerkaart

Personen die in het bezit zijn van een GPK mogen in Nederland:

 

  • parkeren op een algemene gehandicaptenparkeerplaats (zoals aangegeven met een bord E6), tenzij er op het bord of onderbord een kenteken is aangegeven van een ander voertuig;

  • parkeren in een parkeerschijfzone zonder parkeerschijf en zonder beperking voor de parkeer-duur;

  • met gebruikmaking van een parkeerschijf maximaal drie uur parkeren in woonerven buiten de met ‘P’ aangeduide vakken, onder de voorwaarde dat het overige verkeer niet in gevaar wordt gebracht. De parkeerschijf moet duidelijk zichtbaar zijn en de aankomsttijd weergeven;

  • op wegen met betaald parkeren dient parkeergeld te worden betaald en de eventuele tijdlimiet in acht te worden genomen. Hierop kunnen uitzonderingen gelden (ter plaatste te controleren);

  • met gebruikmaking van een parkeerschrijf maximaal drie uur parkeren op plaatsen waar een parkeerverbod geldt, aangeduid door een (zone)bord E1 (al dan niet met het woord zone erboven) dan wel langs een onderbroken gele streep, onder de voorwaarde dat het overige verkeer niet in gevaar wordt gebracht. De parkeerschijf moet duidelijk zichtbaar zijn en de aankomsttijd weergeven;

  • de GPK in de gehele Europese Unie gebruiken. De voorwaarden kunnen per land verschillen.

Hoofdstuk 3: Gehandicaptenparkeerplaats (GPP)

 

In het BABW en het RVV 1990 zijn bepalingen opgenomen die betrekking hebben op het parkeren en aan welke criteria een algemene GPP en een individuele GPP (kentekengebonden) moet voldoen.

 

De wijze waarop uitvoering moet worden gegeven aan een verzoek om aanleg van een individuele GPP (kentekengebonden) dient in eerste instantie aan het BABW te worden getoetst.

 

Er zijn twee varianten van de GPP:

 

  • De algemene gehandicaptenparkeerplaats (GPP-A);

  • De individuele gehandicaptenparkeerplaats (GPP-I).

 

3.1 Algemene gehandicaptenparkeerplaats (GPP-A)

Een GPP-A wordt aangegeven door een bord E6 als bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990. Alleen personen met een GPK mogen hier parkeren.

 

3.2 Individuele gehandicaptenparkeerplaats (GPP-I)

Personen die in het bezit zijn van een GPK-B of een GPK-B/P kunnen in bepaalde gevallen de beschikking krijgen over een GPP-I. Deze parkeerplaatsen zijn kentekengebonden. Dit houdt in dat ze gekoppeld zijn aan het kenteken van een specifiek voertuig. De aanvraag voor een GPP-I kan elektronisch worden ingediend via de gemeentelijke website, of aan de balie in het gemeentehuis. Inwoners met een GPK-P komen niet in aanmerking voor een GPP-I. Dit omdat zij door de bestuurder kunnen worden afgezet bij en begeleid tot de plaats van de bestemming. Verstrekking van een GPP-I aan een instelling is niet toegestaan. Instellingen kunnen wel een verzoek indienen tot plaatsing van een GPP-A.

 

De aanvraag voor een GPP-I wordt na indiening beoordeeld door de gemeente. Bij een positieve beoordeling neemt de gemeente een verkeersbesluit ten behoeve van de inrichting van een GPP-I, zoals bedoeld in artikel 12 van het BABW. Het verkeersbesluit wordt gepubliceerd wanneer gestart wordt met de aanleg. Na publicatie kan eenieder die door dit besluit rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen, hiertegen binnen zes weken na de datum van bekendmaking schriftelijk en gemotiveerd bezwaar indien bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente.

 

Een GPP-I wordt aangegeven door een bord E6 als bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990 met daarop of onder vermeld het kenteken van de auto van de bestuurder.

 

3.3 Voorwaarden individuele gehandicaptenparkeerplaats

Een persoon die voldoet aan de volgende voorwaarden komt in aanmerking voor een GPP-I:

 

  • de persoon is inwoner in de gemeente Oegstgeest;

  • de persoon is in het bezit van een geldig rijbewijs;

  • de persoon is houder van een GPK-B of GPK-B/P (afgegeven voor vijf jaar);

  • de persoon heeft geen mogelijkheid op het eigen erf of in een eigen garage te parkeren;

  • binnen een afstand van 100 meter vanaf het woonadres van de persoon is naar het oordeel van de gemeente onvoldoende parkeergelegenheid beschikbaar;

  • in de directe woonomgeving van de persoon is het uit verkeerstechnisch oogpunt (naar oordeel van de gemeente) mogelijk een GPP-I aan te duiden of aan te leggen.

 

3.4 Intrekken toegekende parkeerplaats

De toewijzing van een parkeerplaats wordt ingetrokken:

 

  • na overlijden van de betrokkene;

  • na verhuizing van de betrokkene;

  •  

  • Personen die verhuizen dienen deze verhuizing te melden in verband met het opheffen van de bestaande GPP-I. Indien de verhuizing binnen de gemeente plaatsvindt en nabij het nieuwe woonadres wederom een GPP-I gewenst is, moet er een nieuwe aanvraag worden ingediend.

  • indien de benodigde GPK komt te vervallen;

  •  

  • Wanneer het recht op een GPK vervalt, vervalt ook het recht op een GPP-I. Zodra de benodigde GPK komt te vervallen, kan het verkeersbesluit voor het instellen van de GPP-I worden ingetrokken. Na verloop van de beroep- en bezwaartermijn kan het besluit worden geeffectueerd.

  • indien de gezondheidstoestand van de betrokkene of de parkeer- of verkeerssituatie dusdanig is gewijzigd dat de parkeerplaats niet zou zijn toegewezen;

  • bij misbruik van de GPP of GPK.

 

3.5 Kosten

De kosten (leges) die in rekening worden gebracht voor het aanleggen van een GPP-I en het plaatsen van een verkeersbord waarmee een GPP-I wordt aangegeven (bord E6 van bijlage 1 van het RVV 1990 met daarop of onder vermeld het kenteken van de auto van de bestuurder) zijn terug te vinden in de geldende Legesverordening Oegstgeest. Hierin zijn tevens de kosten terug te vinden voor het verplaatsen van een GPP-I op verzoek van de gebruiker, en voor het wijzigen van een kenteken voor een GPP-I.

 

Indien de aanvrager voldoet aan de vereisten zoals gesteld in de Beleidsregels inkomensondersteuning, kan besloten worden tot een vergoeding van de kosten.

Hoofdstuk 4: Overige bepalingen

4.1 Hardheidsclausule

Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Oegstgeest kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken van de bepalingen van deze beleidsregels indien de toepassing van deze beleidsregels naar het oordeel van het college tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

 

4.2 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels gehandicaptenparkeerkaart (GPK) en gehandicaptenparkeerplaats (GPP) gemeente Oegstgeest 2022’.

 

4.3 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na de dag van bekendmaking in het elektronisch gemeenteblad.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Oegstgeest d.d. 12 april 2022,

De secretaris,

J. Versluis

De burgemeester,

E.R. Jaensch